PROCEDURE AANMELDING EN TOEWIJZING ZITPLAATSEN VIERINGEN

PROCEDURE AANMELDING EN TOEWIJZING ZITPLAATSEN VIERINGEN (behorende bij protocol en plattegrond OKKN parochie Groningen)
Er wordt op de gebruikelijke zondagen (meestal 2 keer per maand) één viering gehouden in de ochtend . Aanvang 11 uur.
In de dagen voorafgaande aan de zondagse viering melden potentiële kerkgangers zich bij voorkeur per e-mail bij de secretaris van het kerkbestuur. secretaris@groningen.okkn.nl of telefonisch (0512 341116)
Uiterste tijdstip van aanmelding is vrijdagavond 20.00 uur. Secretaris houdt rekening met aantal mogelijke echtparen of andere gezinscombinaties (ouders met kinderen). In de gekozen basisopstelling zit op dat punt voldoende flexibiliteit.
Secretaris verricht in principe de plaatstoewijzing, zoveel als mogelijk rekening houdend met persoonlijke voorkeuren, en stuurt de aanmeldingslijst naar pastoor en deurwachter. NIMMER ZAL HET TOTAAL AANTAL VAN 30 PERSONEN WORDEN OVERSCHREDEN!
Voorafgaand aan de viering zal, zonodig, in overleg tussen secretaris /kerkmeester en deurwachter plaats toewijzing worden geverifieerd en evt. bijgesteld. Ter plaatse wordt dan de definitieve naamlijst van kerkgangers opgesteld i.v.m. de bewaarplicht. Secretaris zal de lijsten bewaren in overeenstemming met de vigerende regels.

OKKN Protocol ‘Kerk-zijn in de anderhalvemetersamenleving

Dit protocol wordt aangevuld en/of aangepast wanneer maatregelen vanuit de rijksoverheid daar aanleiding toe geven.
OKKN Protocol ‘Kerk-zijn in de anderhalvemetersamenleving’ (versie 2)
Voor kerkelijke activiteiten, waaronder kerkdiensten, gelden binnen de anderhalvemetersamenleving beperkende maatregelen ter bescherming van personen en ter voorkoming van verspreiding van het COVID-19 virus.
Het Collegiaal Bestuur van de OKKN geeft in dit protocol weer welke maatregelen door kerkgangers en de besturen van parochies en staties genomen moeten worden. Zij baseert zich hierbij op de landelijke richtlijnen van het RIVM (zie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-covid-19/nederlandse-maatregelen-tegen-het-coronavirus) en op afspraken die tussen CIO (Interkerkelijk Contact in Overheidszaken) en de Rijksoverheid zijn gemaakt.

  1. Algemeen
    Iedereen is gehouden aan de quarantaine maatregelen zoals die door de RIVM worden voorgeschreven, zie: https://www.rivm.nl/coronavirus-covid-19/vragen-antwoorden#Wat%20is%20quarantaine
    Men komt niet naar de kerk:
    • als bij hen of een gezinslid c.q. medebewoner een corona-infectie is vastgesteld
    • als zij of een gezinslid c.q. medebewoner verkoudheidsklachten (neusverkoudheid, loopneus, niezen, keelpijn, (lichte) hoest en benauwdheid) hebben (wel of niet gepaard gaand met verhoging (tot 38 graden) of koorts)
    Voor diegenen die behoren tot de risicogroepen (zie: https://www.rivm.nl/coronavirus-covid-19/risicogroepen) geldt ‘Wees extra voorzichtig. Het kan verstandig zijn om voorlopig nog zoveel mogelijk thuis te blijven’. Wanneer men er voor kiest zich voor een kerkdienst aan te melden dan is dit uitdrukkelijk voor eigen verantwoordelijkheid. Men dient hierbij niet alleen rekening te houden met de eigen gezondheid, maar ook met de mogelijke belasting op anderen (bijv. het zorgsysteem) indien men onverhoopt toch ziek wordt. Men dient er bovendien rekening mee te houden dat in de kerk, in verband met de 1,5 meter regel, geen beroep gedaan kan worden op hulp van anderen bijvoorbeeld als men slecht ter been is en de kerk alleen middels een opstapje of trap toegankelijk is.
    In de kerk gelden de volgende maatregelen:
    • Men houdt te allen tijde 1,5 meter afstand (twee armlengtes) van anderen.
    • Men vermijdt al het lichamelijk contact en begroet elkaar alleen met een knik van het hoofd.
    • Men wast de handen voor en na het bezoek aan de kerk: 20 seconden lang met water en zeep, daarna de handen goed drogen.
    • Men wordt verzocht voor komst naar de kerk thuis van het toilet gebruik te maken. Gebruik van de toiletten in het kerkgebouw dient tot een minimum beperkt te worden.
    • Men reinigt de handen bij binnenkomst. Er staat desinfecterend middel klaar bij de ingang van alle kerkgebouwen.
    • Men volgt de aanwijzingen van deurwachten of andere verantwoordelijken in het kerkgebouw.
    Dit protocol wordt aangevuld en/of aangepast wanneer maatregelen vanuit de rijksoverheid daar aanleiding toe geven.
  2. Kerkdiensten (eucharistieviering, gebedsdienst, avondwake, uitvaart, doopdienst, huwelijksinzegening e.o.)
    A. De inrichting van het kerkgebouw
    Ieder kerkbestuur legt het navolgende 1 t/m 11 specifiek voor het betreffende kerkgebouw vast in een gebruiksplan. Dit gebruiksplan is in de parochie te verkrijgen.
  3. Het kerkbestuur wijst voor elke viering een of meerdere deurwachten aan. De deurwacht is verantwoordelijk voor handhaving van de indeling van de kerk, het maximum aantal aanwezigen en de looproutes en kan zo nodig een dwingend besluit nemen in geval de ruimte te vol is of zich ongewenste situaties voordoen.
  4. Er is in ieder kerkgebouw duidelijk zichtbaar aangegeven welke deur dienst doet als ingang en welke als uitgang.
  5. In het kerkgebouw is een looproute vastgesteld ter voorkoming van elkaar kruisende stromen. Deze wordt in het kerkgebouw aangegeven middels tekeningen, markeringen op de grond of via instructies van de deurwacht
  6. In de gangpaden is met markeringen op de grond de afstand van 1,5 meter aangegeven. Men houdt zich aan deze afstand bij binnenkomst, vertrek en bij het ter communie gaan.
  7. Alle zitplaatsen (ook op het altaar) zijn minimaal 1,5 meter uit elkaar geplaatst; met markeringen (bijvoorbeeld rode en groene stickers) wordt aangegeven welke plaatsen beschikbaar zijn.
  8. Ten behoeve van de toewijzing van zitplaatsen kan overwogen worden de beschikbare plaatsen van een nummer te voorzien.
  9. Meerdere personen die samen één gezin of huishouding vormen zouden naast elkaar geplaatst kunnen worden (zonder in achtneming van de 1,5 meter afstand). Dit is van invloed op de indeling van de overige beschikbare zitplaatsen in de kerk. De haalbaarheid hiervan is ter beoordeling aan het kerkbestuur. Wanneer het kerkbestuur besluit dit toe te staan dient dit in de aanmeldprocedure te zijn geregeld. Daarnaast zal de indeling van de beschikbare plaatsen bij aanwezigheid van ‘groepjes’ per viering aangepast moeten worden.
  10. Kerkboeken en/of liturgieboekjes worden voorafgaand aan de viering op de zitplaatsen klaargelegd. Gezangboeken zijn tot nader order (zie punt B. 3) niet in de kerk aanwezig.
  11. Het gebedsintentieboek is niet in de kerkruimte aanwezig. Overwogen kan worden de parochianen uit te nodigen de gebedsintenties vooraf via email aan de pastoor door te geven of een mand achterin de kerk te plaatsen waarin men gebedsintenties op een zelf meegebracht briefje kan deponeren.
  12. De collecte vindt bij voorkeur plaats via een collecte-app (via Tikkie, online bankieren, GivT, etc.). Na afloop van de viering kan de geldelijke bijdrage mogelijk ook worden achtergelaten in collecteschalen of -manden die daartoe achterin de kerk klaarstaan.
  13. De communiebanken mogen niet worden gebruikt; bij het ter communie gaan blijft men staan.
  14. Wijwaterbakjes en doopvonten zijn leeg.
    B. Hygiëne
  15. Het kerkbestuur draagt zorg voor een vrijwilliger die voor, tijdens en na de viering eindverantwoordelijk is voor de hygiëne binnen het kerkgebouw (“hygiënist”).
  16. Voor en na elke viering moeten de volgende zaken (extra) worden gereinigd:
    o deurknoppen (eventueel extra reinigen kort na aanvang of voor einde van de viering)
    o kerkbanken en stoelen
    Dit protocol wordt aangevuld en/of aangepast wanneer maatregelen vanuit de rijksoverheid daar aanleiding toe geven.
    o katheder
    o altaartafel
    o microfoon
    o collecteschalen
    o hostieschalen
    o kerkboeken
    o toiletten en keuken
  17. De kerkruimte dient voorafgaand aan, tijdens en na afloop van de viering zo goed als mogelijk te worden geventileerd door het openen van ramen, gevelroosters en deuren en het gebruik van mechanische ventilatie. Het gebruik van airconditioning is verboden.
  18. De deuren van het kerkgebouw staan voorafgaand aan en na afloop van de viering open zodat deurkrukken zo min mogelijk aangeraakt worden. De deurwacht sluit de deur nadat de laatste aangemelde kerkganger binnen is.
  19. Er kan geen gebruik worden gemaakt van de garderobe. Men dient jassen mee te nemen naar de zitplaats.
  20. In de toiletruimtes zijn zeeppompjes en papieren handdoekjes aanwezig; het gebruik van stoffen (wasbare) handdoekjes is niet toegestaan.
  21. Na gebruik van het toilet spoelt de bezoeker het toilet met gesloten deksel door en reinigt vervolgens kraan en toilet met de daar aanwezige desinfecterende (wegwerp) schoonmaakdoekjes welke daarna in de gereedstaande afvalbak worden gedeponeerd.
  22. Alle bij de viering betrokken personen (voorganger, lector, cantor) desinfecteren de handen voorafgaand aan de viering, waar nodig (bijv. voorganger voor de communie) gedurende de viering en na afloop van de viering.
  23. Degene die de collecteschaal leegt en de collecte telt draagt bij voorkeur handschoenen en desinfecteert de handen voor en na het tellen.
    C. De kerkdienst
  24. De viering is toegankelijk na aanmelding en toewijzing van een zitplaats en op voorwaarde dat de kerkganger vrij is van klachten die gerelateerd zijn of kunnen zijn aan COVID-19.
  25. De kerkgangers wachten bij aankomst buiten bij de ingang van de kerk op 1,5 meter afstand van elkaar en gaan één voor één naar binnen.
  26. Kerkgangers worden ontvangen door de deurwacht en gevraagd naar eventuele klachten. Bij klachten wordt hen de toegang ontzegd.
  27. De kerkgangers volgen de aangegeven looproute in het kerkgebouw alsmede de instructies van deurwachten tijdens binnenkomst, communie en bij vertrek.
  28. Bij de viering is een minimum aantal personen betrokken, te weten: een voorganger, een deurwacht, een eindverantwoordelijke hygiëne kerkgebouw (hygiënist); zo mogelijk een lector voor schriftlezingen en voorbeden; zo mogelijk een cantor en een organist; eventueel een koster; eventueel een acoliet of misdienaar. Er wordt gekeken naar het combineren van meerdere taken in één persoon.
  29. Voorganger tijdens de vieringen is, in verband met het zo veel mogelijk beperken van reizen, bij voorkeur en zo veel als mogelijk de eigen pastoor. Het bisschoppelijk bureau faciliteert dit, zolang dit nodig is, door middel van een aangepast dienstenrooster.
  30. Het kerkbestuur bepaalt, binnen de hier geformuleerde instructies, een vorm waarbinnen de liturgie binnen de lokale mogelijkheden op aangepaste wijze gevierd kan worden. De liturgie wordt tot nader order hetzij geheel gesproken hetzij met een cantor en een organist gevierd. Priester, lector en cantor kunnen zingen, mits zij zijn tenminste drie meter afstand tot elkaar en tot de gemeente in acht nemen. Er is geen koor- of gemeentezang!
    Dit protocol wordt aangevuld en/of aangepast wanneer maatregelen vanuit de rijksoverheid daar aanleiding toe geven.
    (NB: Vooralsnog wordt aangenomen dat door zingen druppels, en daarmee dus het virus, zich over veel grotere afstand (6 tot 8 meter) verspreiden. We wachten met het vrijgeven van koor- en samenzang op de uitkomsten van nader onderzoek). 8. De gelovigen brengen elkaar de vredegroet middels een knik met het hoofd.
  31. Er is een aankondiging van de collecte en het collectedoel tijdens de viering. De collecte wordt tijdens de viering niet opgehaald. Waar mogelijk wordt gebruik gemaakt van een collecte-app; anders kunnen gelovigen zelf na de viering in de collecteschaal of -mand achterin de kerk hun gift achterlaten.
  32. Na het klaarmaken van de communie dekt de voorganger de hosties af met een palla.
  33. De communie vindt (m.u.v. de pastoor) plaats onder één gedaante. Gelovigen komen via de aangegeven looproute en met inachtneming van de op de vloer aangegeven 1,5 meter afstand tot anderen naar voren. De priester reikt de hostie op armlengte uit, zonder daarbij de handen van de communicant aan te raken. Men kan er ook voor kiezen geestelijk te communiceren vanaf de eigen zitplaats. Men kan naar voren komen voor een zegen. Zowel voorganger als kerkganger houden hierbij de voorgeschreven 1,5 meter afstand aan.
  34. Na afloop van de viering neemt de pastoor afscheid van de gelovigen vanaf het altaar – er is geen afscheid bij de deur van kerk.
  35. Er is geen ontmoeting en koffiedrinken na afloop van de viering.
  36. Daar waar kinderkerk wordt georganiseerd wordt de regelgeving van de overheid t.a.v. scholen en kinderopvang gevolgd.
    D. Organisatie en verantwoordelijkheden
    De herindeling van het kerkgebouw is van grote invloed op het aantal beschikbare zitplaatsen. In veel gevallen zal maar ongeveer 20% van de normale capaciteit over blijven.
  37. Het door de rijksoverheid vastgestelde maximum aantal bezoekers bedraagt:
    a. 1 juni – 1 juli: 30 personen
    b. vanaf 1 juli: 100 personen
  38. Het door de rijksoverheid toegestane maximum aantal bezoekers is exclusief ‘personeel’. Tot het ‘personeel’ tijdens een viering behoren:
    a. de pastoor (voorganger)
    b. de lector
    c. de misdienaar/acoliet
    d. de koster
    e. de hygiënist
    f. de deurwacht
    g. de cantor
  39. Het kerkbestuur legt in het gebruiksplan van het kerkgebouw vast hoeveel kerkgangers er, binnen de mogelijkheden van het gebouw, per viering maximaal aanwezig kunnen zijn.
  40. Het is mogelijk meerdere vieringen op één dag te organiseren met een maximum van één per dagdeel en alleen als tussen de vieringen ten minste één uur in acht wordt genomen om de kerkruimte te reinigen en ventileren.
  41. Het kerkbestuur stelt een aanmeldprocedure op en legt daarin vast hoe de verdeling van de beschikbare plaatsen in het kerkgebouw plaatsvindt. De aanmeldprocedure is onderdeel van het gebruiksplan.
  42. Per viering wordt een lijst met aanwezigen opgesteld. Op de lijst dient te worden aangetekend wie de viering daadwerkelijk heeft bijgewoond. Het kerkbestuur draagt zorgt
    Dit protocol wordt aangevuld en/of aangepast wanneer maatregelen vanuit de rijksoverheid daar aanleiding toe geven.
    voor bewaring van de lijsten gedurende vier weken i.v.m. mogelijk noodzakelijk contactonderzoek door de GGD. 7. Het kerkbestuur is eindverantwoordelijk voor het opgestelde gebruiksplan en voor het handhaven van de maximale bezetting van het gebouw. Het kerkbestuur zal deze taak tijdens de viering zoals hierboven omschreven neerleggen bij een deurwacht.
  43. Het is, in verband met het zo veel mogelijk beperken van reisbewegingen, en het in acht nemen van de hygiënemaatregelen, niet toegestaan meerdere vieringen achter elkaar te organiseren.
  44. Persoonlijk pastoraat en diaconaat
    a. Persoonlijk pastoraat en professionele en onderlinge aandacht voor elkaar dient zorgvuldig en veilig te worden vormgegeven. Daartoe gaan pastoors en leden van bezoekteams niet onaangekondigd op bezoek. Om reisbewegingen te beperken en gezondheidsrisico’s te vermijden vindt pastoraat zo veel mogelijk via een videoplatform als Teams, Skype, of Zoom plaats, of telefonisch. In de afweging of het gewenst en verantwoord is om een afspraak voor een huisbezoek te maken, wordt de keuze van de pastorant meegewogen.
    b. Tijdens persoonlijke ontmoetingen wordt de voorgeschreven afstand van 1,5 meter consequent in acht genomen.
    c. Lichamelijk contact door aanraking wordt in alle gevallen vermeden.
  45. Bediening van sacramenten
    a. Bij de doop:
  46. de doop wordt door de pastoor bediend in de viering van de zondag
  47. de doopvonten zijn leeg en worden bij gelegenheid gevuld met schoon water
  48. direct voorafgaand aan de bediening van de doop desinfecteert de voorganger de handen
  49. het doopwater wordt ter plekke gezegend en na afloop niet bewaard
  50. er wordt zo veel als mogelijk 1,5 meter afstand gehouden
  51. de doop vindt bij voorkeur plaats met een doopschelp
  52. de zalving vindt zoals gebruikelijk plaats.
    b. Bij de ziekenzalving:
  53. in een ziekenhuis of verpleeginrichting is toestemming vereist van het dienstdoend medisch personeel ter plaatse
  54. wanneer de patiënt bestemt is met het COVID-19 virus kan de ziekenzaling alleen plaatsvinden als de pastoor gebruik kan maken van beschermende faciliteiten
  55. al naar gelang de omstandigheden dit vereisen én dit mogelijk maken kan met inachtneming van de geldende veiligheidsmaatregelen het sacrament van boete en vergeving worden bediend
  56. op dezelfde voorwaarden kan ook de communie worden uitgereikt
  57. familieleden in de eerste graad kunnen aanwezig zijn als de omstandigheden dit toelaten (naar oordeel van de verpleging); geadviseerd wordt de groep aanwezigen zo klein mogelijk te houden
    Dit protocol wordt aangevuld en/of aangepast wanneer maatregelen vanuit de rijksoverheid daar aanleiding toe geven.
  58. de pastoor neemt zo min mogelijk materialen mee – één hostie in een afwasbaar hostiedoosje en een losse uitdraai van de liturgie – alle gebruikte materialen worden na afloop schoongemaakt ofwel weggegooid
  59. Avondwake en uitvaart
    a. Voorbereiding van avondwake en uitvaart geschiedt bij voorkeur via een videoplatform als Teams, Skype, of Zoom, of telefonisch, waarbij de pastoor de eindverantwoordelijke is.
    b. De gemaakte afspraken worden schriftelijk vastgelegd en door de pastoor en nabestaanden digitaal gedeeld.
    c. Voor zover de veiligheidsmaatregelen dit toelaten, kan er bij de laatste aanbeveling ten afscheid gebruik worden gemaakt van wijwater en wierook.
    d. De pastoor biedt zoals gebruikelijk de nabestaande(n) pastorale zorg aan. Zie verder: ‘3. Pastoraat’.
  60. Kerkelijke activiteiten en bijeenkomsten (vergaderingen, catechese, bijbel- en gesprekskringen en andere bijeenkomsten in het kerkgebouw, in bijgebouwen en thuis)
    a. Bepaal per bijeenkomst of het noodzakelijk is elkaar fysiek te ontmoeten. Kies zo mogelijk voor een digitale bijeenkomst.
    b. De ruimte waarin de fysieke bijeenkomst plaatsvindt is ingericht op het houden van 1,5 meter onderlinge afstand. Daarbij is aandacht voor looproutes door de ruimte heen.
    c. Op alle bijeenkomsten zijn de hygiëne maatregelen zoals beschreven t.a.v. kerkdiensten onverkort van toepassing.
    d. Bijeenkomsten zijn slechts toegankelijk voor deelnemers die zich hebben aangemeld of die een persoonlijke uitnodiging hebben aangenomen.
    e. Voor alle deelnemers is een zitplaats beschikbaar.
    f. Tot nader bericht zijn koorrepetities niet toegestaan.
  61. Open Kerk (kerkopenstelling voor stilte en gebed, dag-kapel etc.)
    a. De open kerk is gericht op passanten en genereert zo min mogelijk extra reisbewegingen.
    b. De opengestelde ruimte is ingericht op het houden van 1,5 meter afstand.
    c. Het kerkbestuur wijst per openstelling een deurwacht aan die toeziet op het naleven van de 1,5 meter afstand en het niet overschrijden van het maximaal toegestane aantal aanwezigen, en een hygiënist die zorg draagt voor het hierboven onder 2 B. bepaalde. Het kerkbestuur kiest beiden niet uit een van de risicogroepen.
    d. Er is duidelijk zichtbaar aangegeven welke deur dienst doet als ingang en welke als uitgang.
    e. In het kerkgebouw is een looproute vastgesteld. Deze wordt in het kerkgebouw aangegeven middels tekeningen, markeringen op de grond of via instructies van de deurwacht.
  62. Verhuur
    a. Voor de herstart van verhuur aan derden worden de voorschriften van de rijksoverheid t.a.v. de horeca gevolgd.
    b. Los van de voorschriften ten aanzien van de horeca is het vooralsnog niet toegestaan de kerk of bijruimtes beschikbaar te stellen voor koorrepetities.
    Dit protocol wordt aangevuld en/of aangepast wanneer maatregelen vanuit de rijksoverheid daar aanleiding toe geven.
    c. Het OKKN protocol en het gebruiksplan van het kerkgebouw is op alle huurders van toepassing.
  63. Communicatie
    a. Dit protocol wordt gepubliceerd op de website van de Oud-Katholieke Kerk van Nederland alsmede op alle parochiewebsites.
    b. Het gebruiksplan en de plattegrond met de herziene kerkindeling van de parochie wordt op de parochie website gepubliceerd alsmede duidelijk zichtbaar in het kerkgebouw opgehangen.
    c. Parochianen worden rechtstreeks geïnformeerd over de inhoud van het gebruiksplan met specifieke aandacht voor de aanmeldprocedure en bijbehorende tijdlijnen alsmede over de nieuwe indeling van het kerkgebouw.

Zondag Jubilate


Zondag Jubilate


Een spoor van dood en verderf trekt door de wereld. Het coronavirus maakt niet alleen mensen ziek – soms tot de dood er op volgt – , maar ontwricht ook het leven van gezinnen en doet mensen vereenzamen in verpleeghuizen. De economie kraakt in alle voegen: hier gaan kleine met zorg opgebouwde bedrijven over de kop, daar worden door overheden miljoenen euro’s of dollars in op omvallen staande cruciale bedrijven gepompt. Goed, er zijn wat lichtpuntjes waar te nemen, maar zoals de Duitse bondkanselier Angela Merkel zei, we staan nog maar aan het begin, want de gevolgen van deze pandemie zullen nog jaren van invloed zijn op ons leven.
Ja, als de mensheid momenteel één vijand heeft, dan weten we die wel aan te wijzen. En die vijand lijkt wel het hoogste overwinningsjubellied te hebben, dat alle andere jubelliederen, ook de Paasliederen overstemt.
Veel mensen voelen zich angstig en onzeker, waar ben je nog veilig? Een boek over naoorlogse kerken in Nederland in mijn boekenkast draagt als titel “Een hut om in te schuilen”. Dat vind ik een mooie omschrijving voor een kerkgebouw of het nu een grote indrukwekkende kathedraal is of een romaans kerkje op het Friese of Groningse platteland, een multifunctionele kerkzaal in een nieuwbouwwijk of een lemen bouwsel onder de tropenzon. Het is een plek waar je schuilen kunt, waar je veilig bent in Gods bescherming, waar je vreugde vindt en je het mag uitjubelen. De derde zondag van Pasen heet in onze kerk “Zondag Jubilate”. Die naam is ontleend aan de psalm die bij de intrede van de priester en zijn of haar assistenten in de kerk traditioneel gezongen kan worden:
“Juicht Gode toe, gij ganse aarde, halleluja!
Bezingt de heerlijkheid van zijn Naam, halleluja!
Wijdt aan zijn glorie een loflied.”
En in het vervolg op die woorden buitelen de “halleluja’s” vrolijk voort.
De introïtus Jubilate volgens het Graduale Romanum,
waarop onze Oud-Katholieke versie in het Gezangboek no. 395 is gebaseerd.
Die intochtspsalm is een momentopname van het juichende Godsvolk onderweg, op weg naar het komende Rijk van God. Maar morgen zal er geen intochtsprocessie met witte gewaden en wierook zijn. Moeten we dan maar bij de pakken aan de kant van de weg gaan neerzitten en er het zwijgen toe doen?
Dat moeten we denk ik toch maar niet doen. Wie mij een beetje kent, weet dat ik heel veel waarde hecht aan het kerkgebouw als huis van God èn huis der gemeente, waar die twee elkaar ontmoeten; een hut om in te schuilen, een plaats om van het hemelse Jeruzalem te dromen en om moed voor onderweg op te doen. Maar als het moet kunnen we er ook zonder. We kunnen er zonder omdat God overal te vinden is en zich wil vinden laten, waar mensen Hem zoeken. God wil ons overal met zijn liefde, troost en bemoediging tegemoet komen. Wat er ook gebeurt in ons leven – en ook al kunnen wij dat leven soms als zeer duister ervaren – God wil daarin bij ons zijn, Hij wil voor ons een plek om te schuilen zijn. In psalm 5 staat:
“Vreugde vinden die schuilen bij u;
door de eeuwen heen gaat hun jubel,
want rondom hen is uw bescherming.”
(zo in de vertaling van Ida Gerhardt en Marie van der Zeyde).
Ook al voelen we ons zonder kerkhuis en zicht- en tastbare kerkgemeenschap op z’n zachtst gezegd ontheemd, toch zijn we niet alleen, wij zijn in God geborgen, rondom ons is zijn bescherming.
Zondag Jubilate is de derde zondag van Pasen. Als christenen mogen we weet hebben van de grote vreugde van Pasen, dat God met de opstanding van Jezus de macht van zonde en dood heeft overwonnen. Ook al kunnen we dat niet samen doen in de Eucharistieviering, toch moeten we op deze zondag – het wekelijkse paasjubileum van de Heer – het jubelen maar niet laten.
Een zingende, jubilerende gemeente ergens op Gods aarde – gevonden op internet.
Op deze zondag Jubilate heeft God vast nog wel ergens plekje waar u wat dat betreft uw hart kunt ophalen.
En daarom zoals de grote kerkvader Augustinus al zei:
“laat ons niet spreken, laat ons niet zwijgen, laat ons jubileren…”
Wietse van der Velde, pastoor

de tekst hierboven is uit de nieuwsbrief van 25 april. als u u de gehele brief wil lezen klik op onderstaande link

https://www.oksintmartinus.nl/nieuws/

                  Zingt Jubilate    

Jezus danst uit het graf, Kloosterkerk Lippoldsberg

Zingt Jubilate voor de Heer,

hemel en aarde, looft uw Vader.
Heiligen, engelen, mens en dier,

sterren en stenen, Jubilate!

Zing jubilate, dat is goed,

vogels en vissen, licht en water,

Bloemen en bomen, vlees en bloed,

lichaam en ziel, zingt Jubiltate.

Zingt Jubilate voor de Zoon,

dat Hij de hemel heeft verlaten.
Dat Hij de zonden heeft verzoend,

Jezus Messias, Jubilate!

Zingt Jubilate voor de Geest,

offer de vogel Geest uw adem,

dat Hij uw hart met vuur geneest,

wees God indachtig, Jubilate!

Willem Barnard (1920-2010)

Oud-Katholiek Gezangboek 659

Voor een meditatie over het thema van zondag Jubilate in deze tijd van coronacrisis,

zie Parochiebrief Pasen 3 2020



Nieuwsbrief 25 april 2020

PAROCHIE VAN DE H. MARTINUS te Groningen parochiebrief 25 april 2020


Van de pastoor
Gisteren hebt u de nieuwste brief van onze bisschoppen Bernd van Utrecht en Dirk Jan van Haarlem ontvangen. Die brief hoef ik hier niet dunnetjes over te doen. Wat u daar o.a. in kunt lezen is dat de kerken zich moeten gaan voorbereiden op een weer opengaan van de kerkgebouwen en het houden van vieringen binnen onze 1,5 meter samenleving. Binnen het kerkbestuur hebben we ons daarover al eerder gedachten gemaakt, die we in de komende tijd moeten uitwerken. Hopelijk kunnen in het weekend na Pinksteren (6 en 7 juni) weer diensten worden gehouden. Wij houden u op de hoogte.
Wat voor de meesten van u wel geen verrassing zal zijn is dat de bisschopswijding van mgr. Bernd Wallet, de Aartsbisschop-elect van Utrecht, die voor 21 juni gepland was, op die datum geen doorgang zal kunnen vinden. Deze viering wil een feest voor de hele kerk zijn waarbij zo veel mogelijk mensen kunnen worden betrokken. Grote vieringen kunnen echter voorlopig nog niet plaatsvinden.
Bisschop Bernd zei hierover:
“Ik vind het heel jammer voor onze kerk en voor mezelf, maar het komt natuurlijk niet onverwacht. In deze fase, waarin nog zoveel onzeker is voor zoveel mensen, zijn we met veel andere dingen bezig, en staat ons hoofd niet echt naar het organiseren van een grote feestelijke dienst en alles wat daarbij komt kijken. Daarvoor moeten meer stappen gezet zijn op de weg uit de crisis. Want een wijding is een feest van de hele kerk, er vieren mensen van alle leeftijden mee uit heel Nederland, en er nemen bisschoppen aan deel uit verschillende landen. Dat gaat nu niet en dat wil je nu niet. Het is alleen vreugdevol als de crisis voorbij is.” “We kunnen nu niet zeggen wanneer het wel wordt. Als de regering al niet verder dan drie weken vooruit kan kijken, dan wij ook niet. We houden verschillende opties open, maar het moet kunnen binnen de richtlijnen van het RIVM. Niet in de anderhalvemetersamenleving met passen en meten, maar vrijuit. Ruim en vreugdevol, net als ons geloof!”
Het uitstellen van de bisschopswijding betekent echter niet dat ons bisdom zonder bisschop is. Bisschop Bernd draagt sinds zijn acceptatie van de verkiezing tot aartsbisschop de volledige bestuurlijke verantwoordelijkheid binnen ons bisdom, de landelijke kerk en de internationale bisschoppenconferentie. Met uitzondering van wijdingen en vormsels, die in een anderhalvemetersamenleving sowieso geen doorgang kunnen vinden, vervult hij alle taken die bij zijn ambt horen.
In onze parochie is het een goed gebruik dat om voorbede gevraagd kan worden voor familie en vrienden en voor andere mensen en zaken die iemand aan het hart liggen. Bij de afkondigingen wordt dan altijd afgelezen voor wie voorbede gevraagd is.
Vele maanden hebben we gebeden voor Linda van Dam, dochter van goede vrienden van Hans en Stennie Vermeulen. Deze week sprak ik haar vader en die vertelde mij dat het met zijn dochter gelukkig goed gaat en dat ze vertrouwen in de toekomst hebben. Voorbede werd ook gevraagd voor Frank en Karin van Buren, de ouders van Ineke van Buren. Ineke zou het erg fijn als u haar ouders in uw gebed bij God wilt aanbevelen.
Een gebed voor zieken uit de liturgie van onze kerk: Barmhartige, eeuwige God,
Gij zijt de redding van wie in U geloven.
Verhoor ons gebed voor …
voor wie wij uw Naam aanroepen,
Laat hem/haar gesterkt worden in zijn /haar zwakheid
en in vertrouwen op uw zorg en liefde
leven voor uw Aangezicht.
Door Christus, onze Heer.
Amen.
Ik wens u ondanks dat die dag anders zal zijn dan anders een mooie Koningsdag
en een goede week.
Wietse van der Velde, pastoor
Zondag Jubilate
Een spoor van dood en verderf trekt door de wereld. Het coronavirus maakt niet alleen mensen ziek – soms tot de dood er op volgt – , maar ontwricht ook het leven van gezinnen en doet mensen vereenzamen in verpleeghuizen. De economie kraakt in alle voegen: hier gaan kleine met zorg opgebouwde bedrijven over de kop, daar worden door overheden miljoenen euro’s of dollars in op omvallen staande cruciale bedrijven gepompt. Goed, er zijn wat lichtpuntjes waar te nemen, maar zoals de Duitse bondkanselier Angela Merkel zei, we staan nog maar aan het begin, want de gevolgen van deze pandemie zullen nog jaren van invloed zijn op ons leven.
Ja, als de mensheid momenteel één vijand heeft, dan weten we die wel aan te wijzen. En die vijand lijkt wel het hoogste overwinningsjubellied te hebben, dat alle andere jubelliederen, ook de Paasliederen overstemt.
Veel mensen voelen zich angstig en onzeker, waar ben je nog veilig? Een boek over naoorlogse kerken in Nederland in mijn boekenkast draagt als titel “Een hut om in te schuilen”. Dat vind ik een mooie omschrijving voor een kerkgebouw of het nu een grote indrukwekkende kathedraal is of een romaans kerkje op het Friese of Groningse platteland, een multifunctionele kerkzaal in een nieuwbouwwijk of een lemen bouwsel onder de tropenzon. Het is een plek waar je schuilen kunt, waar je veilig bent in Gods bescherming, waar je vreugde vindt en je het mag uitjubelen. De derde zondag van Pasen heet in onze kerk “Zondag Jubilate”. Die naam is ontleend aan de psalm die bij de intrede van de priester en zijn of haar assistenten in de kerk traditioneel gezongen kan worden:
“Juicht Gode toe, gij ganse aarde, halleluja!
Bezingt de heerlijkheid van zijn Naam, halleluja!
Wijdt aan zijn glorie een loflied.”
En in het vervolg op die woorden buitelen de “halleluja’s” vrolijk voort.
De introïtus Jubilate volgens het Graduale Romanum,
waarop onze Oud-Katholieke versie in het Gezangboek no. 395 is gebaseerd.
Die intochtspsalm is een momentopname van het juichende Godsvolk onderweg, op weg naar het komende Rijk van God. Maar morgen zal er geen intochtsprocessie met witte gewaden en wierook zijn. Moeten we dan maar bij de pakken aan de kant van de weg gaan neerzitten en er het zwijgen toe doen?
Dat moeten we denk ik toch maar niet doen. Wie mij een beetje kent, weet dat ik heel veel waarde hecht aan het kerkgebouw als huis van God èn huis der gemeente, waar die twee elkaar ontmoeten; een hut om in te schuilen, een plaats om van het hemelse Jeruzalem te dromen en om moed voor onderweg op te doen. Maar als het moet kunnen we er ook zonder. We kunnen er zonder omdat God overal te vinden is en zich wil vinden laten, waar mensen Hem zoeken. God wil ons overal met zijn liefde, troost en bemoediging tegemoet komen. Wat er ook gebeurt in ons leven – en ook al kunnen wij dat leven soms als zeer duister ervaren – God wil daarin bij ons zijn, Hij wil voor ons een plek om te schuilen zijn. In psalm 5 staat:
“Vreugde vinden die schuilen bij u;
door de eeuwen heen gaat hun jubel,
want rondom hen is ùw bescherming.”
(zo in de vertaling van Ida Gerhardt en Marie van der Zeyde).
Ook al voelen we ons zonder kerkhuis en zicht- en tastbare kerkgemeenschap op z’n zachtst gezegd ontheemd, toch zijn we niet alleen, wij zijn in God geborgen, rondom ons is zijn bescherming.
Zondag Jubilate is de derde zondag van Pasen. Als christenen mogen we weet hebben van de grote vreugde van Pasen, dat God met de opstanding van Jezus de macht van zonde en dood heeft overwonnen. Ook al kunnen we dat niet samen doen in de Eucharistieviering, toch moeten we op deze zondag – het wekelijkse paasjubileum van de Heer – het jubelen maar niet laten.
Een zingende, jubilerende gemeente ergens op Gods aarde – gevonden op internet.
Op deze zondag Jubilate heeft God vast nog wel ergens plekje waar u wat dat betreft uw hart kunt ophalen.
En daarom zoals de grote kerkvader Augustinus al zei:
“laat ons niet spreken, laat ons niet zwijgen, laat ons jubileren…”
Wietse van der Velde, pastoor
Een gedicht voor de Paastijd
een vroeg droevige zondag morgen
lang geleden al
zo gebeurde dan,
de zon was nog niet opgegaan,
toch is toen het licht voor altijd opgestaan,
Jezus van Nazareth
was niet meer dood
maar leefde
de mensen en God nabij.
het was zo anders,
gelovige ogen konden het zien,
niet om aan te raken,
tussen hen in komen gaan,
op weg uit een gebroken verleden
naar Emmaüs-(morgen met) toekomst,
in brood gebroken
aan woorden te kennen
zo leeft hij
hen en ons nu nog nabij.
en wie aan zijn eigen leven
krampachtig vasthoudt
die verliest het
maar die zijn leven
in deze wereld
durft prijsgeven
zal het voor eeuwig leven
mogen bewaren.
jo12,25
Bert Wirix-Speetjens, bisschop van Haarlem (1946-2008),
Als de dageraad nog donker is.
De ‘thuiscollecte’
U kent allemaal dit zinnetje uit de afkondigingen, de zgn. ‘thuiscollecte’: “De collecte tijdens het offertorium is bestemd voor het mogelijk maken van onze vieringen”… Maar, helaas, we hebben geen vieringen, dus ook geen collecte. En toch gaan veel kosten gewoon door, ook zonder dat de vieringen feitelijk plaatsvinden in de kerk. Het Bisschoppelijk Bureau herinnerde ons, juist vanwege die doorgaande kosten, de inkomsten uit de thuiscollecten daarom niet te vergeten. Terecht natuurlijk. Verschillende parochies hebben verschillende oplossingen. Wij stellen voor om het simpel te houden. En dat is dat u gewoon af en toe een bedrag overmaakt op de bekende bankrekening van de kerk. Rekeningnummer van de parochie is: NL12INGB0003941884 t.n.v. Oud-Katholieke parochie v.d. H. Martinus te Groningen, onder vermelding van ‘thuiscollecte’. Dan weet Christa wat de bestemming is. (Bijkomend voordeel van overmaken is ook nog dat het daarmee aftrekbaar is van de belastingen). PS: Tijdens de wekelijkse internetvieringen uit Amersfoort wordt een collectedoel afgekondigd dat, in de meeste gevallen, overeenkomt met onze collecte bij de uitgang. Ook deze collecte wordt, zoals altijd, van harte aanbevolen. Ab M. secr. a.i.
Contact:
Oud-Katholieke parochie van St. Martinus te Groningen
deservitor (waarnemend pastoor):
can. drs. Wietse van der Velde,
Jan R. Stuutstraat F8,
9663 SE Nieuwe Pekela
tel. O597 221080/06 481 99 493
secretaris a.i.:
dhr. Ab Mollema,
tel. 0512 341 116
Bankrekening parochie: NL12INGB0003941884
t.n.v. Oud-Katholieke parochie v.d. H. Martinus te Groningen

PAROCHIE VAN DE H. MARTINUS te Groningen parochiebrief 18 april 2020

PAROCHIE VAN DE H. MARTINUS te Groningen

parochiebrief 18 april 2020

“Ook Thomas werd het aangezegd”  Je hebt elkaar nodig om overeind te blijven.

Vanavond is het al weer een week geleden dat het Paasfeest inzette met de Paaswake. Een wake die wij niet in onze parochiekerk konden vieren, maar waarvan ik weet dat onder u zijn die het hebben meegevierd door de uitzending vanuit de Amersfoortse parochiekerk te volgen.

In de Paaswake en op Paaszondag staan in de evangelielezingen vrouwen – met als belangrijkste Maria Magdalena – centraal; of beter gezegd hun reacties op hun ontmoeting met de opgestane Heer. “Op dat moment kwam Jezus hun tegemoet en zei: Weest gegroet. Ze liepen op hem toe, grepen zijn voeten vast en aanbaden hem.” (Mat. 28, 9). En nadat zij hun goede boodschap, hun evangelie van de opstanding van Jezus Christus aan de discipelen hebben verteld, verschijnt de Verrezene ook aan hen.

Traditioneel is de lezing op de zondag na Pasen het verhaal van de ontmoeting van Jezus met Thomas.   Bij de verschijning van de Verrezene aan de discipelen op de eerste dag van Pasen ontbrak niet alleen Judas, die Jezus had overgeleverd, maar ook Thomas. Thomas die alle moed en alle (goed)geloof had opgegeven en zich uit de groep van vrienden had teruggetrokken. Maar de vrienden laten hem niet aan zijn lot over. Ze zoeken hem op en halen hem over weer in hun kring te komen.                                Na acht dagen verschijnt Jezus in de kring van zijn leerlingen aan Thomas. De Heer zoekt geen gesprek onder vier ogen met hem. De plaats van Thomas is in de kring van de leerlingen en juist daar ontmoet de Heer zijn leerling Thomas, die in zijn liefde was teleurgesteld en zich daarom van de anderen had afgezonderd. Een mens die zich in zijn of haar verdriet opsluit, loopt het risico, dat hij of zij een ongelovige Thomas wordt. Je hebt elkaar nodig om overeind te blijven en om in alle aanvechtingen het geloof niet te verliezen

Op de zondag na Pasen vindt Thomas zowel de Heer als de gemeenschap met de anderen weer terug. Jezus nodigt hem uit de plaatsen waar de spijkers zijn handen en voeten hebben doorboord met zijn eigen vingers te betasten. Met andere woorden: Thomas mag de Heer herkennen aan de tekenen van zijn barmhartigheid, zoals de twee Emmaüsgangers hem een week tevoren herkenden bij het breken van het brood.

Bij die uitnodiging breekt het geloof bij Thomas door  en belijdt als zijn Heer en God. De levende Heer brengt zijn teleurgestelde en twijfelende kinderen in de kring van de leerlingen. Zij ontvangen troost en houvast in de prediking van de goede boodschap en in de viering van het heil in brood en wijn.                                                                                         

Ik vind dit evangelie over Christus en zijn twijfelende leerling steeds weer een troostrijk en bemoedigend verhaal. Jezus veroordeelt twijfel en geloofsonzekerheid niet, maar Hij wil steeds weer naar ons toekomen!

Alleen daarom al verlang ik naar het moment dat wij weer samen als zijn leerlingen in de kerk mogen samenkomen rondom de Schrift en de Maaltijd van de Heer.  

(Schilderij in de kathedrale kerk van Ste Gertrudis te Utrecht,                                                     toegeschreven aan Hendrick Bloemaert, 1601/02-1672)

Hij zag de wonden van de Heer,

hij zag en twijfelde niet meer,

erkende Hem als God die leeft

en alles leven geeft.

De bovenstaande verzen zijn een gedeelte uit het bekende 15e eeuwse verhalende Paaslied O Fillii et Filiae, “O zoons en dochters, zingt de Heer” in de Oud-Katholieke Kerk door de eeuwen heen een zeer geliefd Paaslied (gez. 648 OKG), die als Paassequentie (gez. 470) zelfs nog een keer in een andere vertaling in het gezangboek voorkomt (de laatste versie is ook terug te vinden in de moderne liedboeken van de protestantse kerk).

“Onze” versie eindigt met:

Laat ieder op dit hoge feest

de Vader prijzen en de Geest

en loven de verrezen Heer:

aan Hem de dank en eer,

Halleluja, halleluja, looft God, halleluja.

Ik hoop dat wij dat – ook al zijn wij nu niet in de kring van de medeleerlingen, de mede-parochianen –  toch uit volle borst kunnen meezingen.

Wietse van der Velde, pastoor.

Muziek

Ook deze week treft u in de mail een link naar muziek door Eddy en Albertha Ufkes.       De muziek is gekozen met het oog op Beloken Pasen, de zondag Quasimodo geniti,        “Verlang als pasgeboren kinderen naar de zuivere moedermelk” (1 Petrus 2,2).                   Deze naam verwijst naar de in de Paaswake gedoopten, de pasgeboren kinderen, die in de eucharistieviering gevoed worden met woord en sacrament. Verder zijn er Paasliederen opgenomen van de begin deze maand overleden Marijke de Bruijne, waarover u vorige week hebt kunnen lezen.

De teksten heb ik voor u uitgeschreven zodat u die kunt mee- of nalezen.

  1. Introïtusantifoon en psalmvers voor Beloken Pasen (Liedboek 640a)

Halleluja!

Verlang als pasgeboren kinderen naar de zuivere moedermelk.

Halleluja!

   
     
    Jubelt God ter eer, Hij is onze sterkte!
    Juicht voor Israëls Heer,
    stem en tegenstem
    springen op voor Hem
    die ons heil bewerkte.
  • Lezing: Evangelie volgens Johannes 20, 19

Op de avond van die eerste dag van de week

waren de leerlingen bij elkaar, ze hadden de deuren afgesloten,

omdat ze bang waren voor de Joden.

Jezus kwam in hun midden staan en zei:  

“Ik wens jullie vrede”

  • Lied van Marijke de Bruijne, uit Paasoratorium “Als de graankorrel sterft”

Licht dat terugkomt.
Hoop die niet sterven wil.
Vrede, die bij ons blijft.

  • Lied van Marijke de Bruijne, uit Paasoratorium “Als de graankorrel sterft”

Opnieuw geboren, opgestaan,

voorgoed veranderd, opgericht,

door angst en sterven heengegaan

zien wij opnieuw het leven aan,

geschenk dat groot en kostbaar is.

             Opnieuw geboren, opgestaan,

bezocht gelouterd en onthecht,

in kou en duisternis gewacht,

lang vastgehouden in een nacht

die ongedacht weer ochtend werd.

Opnieuw geboren, opgestaan!

Mijn wapens had ik neergelegd,

zo klein en kwetsbaar stond ik daar,

bereid om elke weg te gaan,

ja, toen, toen ben ik opgestaan!

WvdV

De ‘thuiscollecte’

U kent allemaal dit zinnetje uit de afkondigingen, de zgn. ‘thuiscollecte’: De collecte tijdens het offertorium is bestemd voor het mogelijk maken van onze vieringen”… Maar, helaas, we hebben geen vieringen, dus ook geen collecte. En toch gaan veel kosten gewoon door, ook zonder dat de vieringen feitelijk plaatsvinden in de kerk. Het Bisschoppelijk Bureau herinnerde ons, juist vanwege die doorgaande kosten, de inkomsten uit de thuiscollecten daarom niet te vergeten. Terecht natuurlijk. Verschillende parochies hebben verschillende oplossingen. Wij stellen voor om het simpel te houden. En dat is dat u gewoon af en toe een bedrag overmaakt op de bekende bankrekening van de kerk.

Rekeningnummer van de parochie is:
NL12INGB0003941884 t.n.v. Oud-Katholieke parochie v.d. H. Martinus te Groningen, onder vermelding van ‘thuiscollecte’.
Dan weet Christa wat de bestemming is. (Bijkomend voordeel van overmaken is ook nog dat het daarmee aftrekbaar is van de belastingen).

PS: Tijdens de wekelijkse internetvieringen uit Amersfoort wordt een collectedoel afgekondigd dat, in de meeste gevallen, overeenkomt met onze collecte bij de uitgang. Ook deze collecte wordt, zoals altijd, van harte aanbevolen.
Ab M. secr. a.i.

———————————————————————————————————————-

En dan nog dit…
Vorig jaar is door aartsbisschop Joris, op verzoek van het kerkbestuur, Ab Mollema aan het bestuur toegevoegd als adviseur. Een verlegenheidsbenaming, want Ab is de leeftijdsgrens voor aanstelling als kerkmeester inmiddels al een paar jaar gepasseerd.                                                          De “aanstelling” is voor een jaar, tot 1 juni 2020. En dat komt snel dichterbij. Wat zou het mooi zijn wanneer een jongere (dan Ab) parochiaan (vrouw/man) zich zou aanmelden om de nu al enkele jaren bestaande vacature van secretaris te vullen. Denk er eens over na. Pastoor en kerkbestuur staan open voor verdere informatie. En Ab kan uit inmiddels jarenlange ervaring vertellen wat de taak behelst.

Contact:

Oud-Katholieke parochie van St. Martinus te Groningen

deservitor (waarnemend pastoor):

can. drs. Wietse van der Velde,

Jan R. Stuutstraat F8,

9663 SE Nieuwe Pekela

tel. O597 221080/06 481 99 493

secretaris a.i.:

dhr. Ab Mollema,

tel. 0512 341 116

Bankrekening parochie: NL12INGB0003941884 t.n.v. Oud-Katholieke parochie v.d. H. Martinus te Groningen

PASEN

Pasen

Openingstekst

Dit is de dag die de Heer heeft gemaakt,

dit is het Pasen van de Heer!

Wat in geen mensenhart is opgekomen,

dat heeft Hij gedaan.

De dood is overwonnen,

het licht verdrijft de duisternis:

Onze Heer Jezus Christus is opgestaan uit de doden.

Door zijn dood heeft Hij

de macht van de dood overwonnen

en door zijn verrijzen

ons leven hersteld.

(tekst: Wietse van der Velde,

naar motieven uit de liturgie van de kerk van oost en west)

Beschrijving: Resurrection (Easter)

Lied: Laat na de sabbatdag – Vespere autem sabbati                                                                            

Antifoon bij de Lofzang van Zacharias in de Lauden,

die na de communie in de Paaswake wordt gezongen.

Beschrijving: Passages from Vatican II every Catholic should know - California ...

                    Laat na de sabbatdag,

toen de eerste dag der week nu aanbrak,

kwamen Maria Magdalena en de andere Maria

het graf bezoeken. Halleluja.

Gezegend de Heer, de God van Israël,

die zijn volk bezocht en verlost heeft.

Zegen

….

Zegene u de almachtige en barmhartige God,

Vader, X Zoon en Heilige Geest.

Amen.

Orgel: U zij de glorie (OKG gez. 658)

U zij de glorie,

opgestane heer,

U zij de victorie,

U zij alle eer!

Beschrijving: Christelijke Kaart Opwekking | DagelijkseBroodkruimels

Zegt aan zijn discipelen en aan Petrus

reactie:

Ze werden bevangen door schrik en ontzetting

Het evangelie van de opstanding zoals Marcus (16, 1-8) ons die heeft gegeven,

kent twee opvallende zaken.

Het meest opvallende is het slot.

De vrouwen die

“laat na de sabbatdag,

toen de eerste dag der week nu aanbrak,”

het graf van Jezus bezochten

werden door een boodschapper van Godswege

met de blijde boodschap van de opstanding van Jezus uit de dood

naar zijn leerlingen gestuurd.

En wat doen zij?

Zij zeiden niemand iets,

zij deden er het zwijgen toe.

Ze zijn bevangen door schrik en ontzetting

(door de engelverschijning of door de boodschap?).

(schilderij ca. 1308-1311 door Duccio di Buoninsegna

Het andere wat opvalt is dat in dit Paasevangelie

Petrus apart wordt genoemd.

De jonge man in een wit gewaad – de engel –

zegt tot Maria Magdalena en haar twee metgezellinnen

bij het graf van de verrezen Heer:

“zegt aan zijn discipelen en aan Petrus,

dat hij u voorgaat naar Galilea”.

Er zullen twee redenen zijn waarom Petrus apart wordt genoemd.

Sommige bijbelverklaarders menen dat Petrus apart wordt genoemd,

omdat hij door zijn verloochening van Jezus

en door zijn berouw daarover

bijzonder de troost van de verkondiging van de opstanding nodig heeft.

Dat zal zo zijn.

Want dat is de nieuwheid van Pasen!

Petrus verloochende zijn Heer op een ontstellende manier.

Vloekend en zwerend had Petrus

terwijl Jezus voor de Hoge Raad terecht stond,

zijn eigen hachje willen redden:

“Ik ken die mens niet over wie jullie spreken!”

Maar de opgestane Heer verloochent Petrus niet.

Jezus antwoordt op de bittere tranen van berouw door

juist aan Petrus het bericht van de opstanding te laten brengen:

“Ik ken die mens wel!”

Dat mag ook ons een troostend Paasbericht zijn.

Er kunnen zich in ons leven situaties voordoen,

waarin wij met woord en/of daad ontkennen Jezus te kennen.

Maar als wij daarover berouw hebben,

worden ons berouw en onze tranen door Jezus opgemerkt.

Dan wil Hij zich net als tot Petrus ook persoonlijk tot ons richten

met een boodschap van nieuw en vernieuwd leven.

Het gaat in het Paasgebeuren om ons persóónlijk in ònze levenssituatie.

Een tweede reden waarom Petrus apart genoemd wordt

ligt in zijn apostelschap.

Tussen de apostelen neemt Petrus vanaf het begin

een speciale plaats in.

Hij de verloochenaar in de nacht van het verraad en de overlevering,

was dezelfde die met Jezus op weg naar Jeruzalem

zijn geloof in Hem als de Zoon van God, de beloofde Messias, uitsprak:

“Gij zijt de Christus!

U bent de Messias!”

Juist door de ervaringen van belijdenis en verloochening heen,

is het Petrus die samen met de anderen

mag getuigen van de opstanding,

met alles wat dat betekent:

de vernietiging van de macht van zonde en dood,

een nieuwe, een herstelde band met God.

In de nacht van de dood is een wending gekomen.

Dat moet bekend worden gemaakt

aan de enkele mens,

aan u en mij.

Het moet ook worden doorgegeven aan de wereld.

De wereld lijkt soms te vergaan.

Dit jaar gedenken wij dat 75 jaar geleden

de Tweede Wereldoorlog met al zijn verschrikkingen

werd beëindigd.

Maar de driekwart eeuw daarna heeft dan wel

in ons werelddeel geen oorlog laten zien,

maar elders gingen oorlog, geweld en onderdrukking

gewoon door.

En in dit jaar wordt de hele wereld getroffen

door de coronacrisis.

Naast de vele doden en zieken is er de onzekerheid

over hoe lang onze “normale” manier van leven nog verstoord zal zijn.

En er is de onzekerheid en de angst

voor sociale en economische ontwrichting.

Zal de wereld nog wel ooit weer normaal worden?

Ja, als je naar de televisie kijkt,

de krant openslaat of in je eigen omgeving rondkijkt

kun je wel eens moedeloos worden,

net zoals die vrouwen bij het graf van Jezus

door schrik en ontzetting worden bevangen.

Er lijkt geen enkele reden voor

de herhaalde “alleluja’s” van de Paasliturgie.

Maar het is nu juist de boodschap van de engel aan de vrouwen,

van God aan ons:

“Wees niet ontsteld,

wees niet bang.”

Er is sinds Pasen geen reden meer tot schrik,

ontzetting en zwijgen,

sinds Pasen is het ondenkbaar dat de “alleluja’s” zwijgen.

Maar het moet de wereld wèl worden verteld.

Daarom is het aan Petrus verteld.

Daarom is het aan ons verteld.

Het leven mag weer geleefd worden.

En wij mogen onze stem lenen

om dat aan ieder die het horen wil te vertellen.

En wij mogen laten zien

wat het betekent “Paasmensen” te zijn,

mensen die leven vanuit het nieuwe licht en het nieuwe leven,

door juist in deze “coronadagen” te laten zien

wat het betekent

om discipelen,

leerlingen van de Verrezene te zijn.

Alleluja!

Wietse van der Velde, pastoor

Altaarschilderij (ca. 1633)

De opstanding van Christus

in de Oud-Katholieke parochiekerk van de H. Nicolaas te Krommenie

Goede vrijdag

Goede Vrijdag 2020

Aanschouwt het hout des kruises,

waaraan het heil der wereld heeft gehangen.

‘t Is een raar Pasen dit jaar.

Kerst hebben we nog met alle toeters en bellen gevierd –

het lijkt al weer zo lang geleden.

Maar de Goede Week en Pasen gaan in alle stilte voorbij:

geen kerkdiensten,

niet het samen vieren van het Pascha van de Heer,

zijn doortocht van donker naar licht,

van dood naar leven.

Ik vind dat moeilijk,

want in mijn persoonlijk geloofsleven staat Pasen centraal.

Kerst is een mooi feest:  –

dat God in de mens Jezus ons leven is komen delen,

is een geweldig feit,

een heilsfeit.

Maar zonder Pasen,

zonder kruis en opstanding van die Jezus,

is Kerstmis eigenlijk een feest zonder doel.

Ik ben sedert ik daarop was attent gemaakt,

gefascineerd door – vaak 17e eeuwse – schilderijen

met voorstellingen van de aanbidding door de herders

van het kindje in de kribbe.

Vaak liggen daar in die stal – schijnbaar achteloos –

twee strootjes onder de kribbe.

Maar ze zijn over elkaar gelegd:

“Zijn krib werd een kruis.”

Dat kruis dat is andere taal,

dan een romantische stal, een pasgeboren kindje, gelukkige ouders,

dartele engeltjes die zich om hen verdringen,

“eenvoudige” herders in aanbidding op hun knieën

en noem maar op.

Die kribbe werd een kruis.

Op Goede Vrijdag is de kerk behoorlijk onttakeld.

Het altaar staat er kaal bij, alle doeken zijn eraf gehaald,

alle kandelaren zijn opgeborgen,

(tot in de 20e eeuw werden ook altaarschilderijen

en de beelden door doeken aan het oog onttrokken),

het orgel zwijgt;

kortom de kerk lijkt – toegegeven in de verte – een beetje op een arme stal.

Centraal staat in de viering op de middag of avond van de Goede Vrijdag

het kruis.

In deze viering waarin voor de rest alleen maar lezingen,

gezangen en gebeden hun plaats vinden,

is dat kruis het middelpunt van het enige “dramatische” onderdeel van de dienst:

de kruisverering.

Het kruis van Jezus – dat mogen wij nooit vergeten –

is een galg, een schandpaal.

De christenen zijn het echter al vanaf apostolische tijden

als een teken van overwinning gaan zien,

ja, als een boom des levens.

Paulus roept al in zijn brief aan de Galaten

dat het verre van de christenen moet zijn,

dan om in iets anders te roemen dan in het kruis van onze Heer Jezus Christus

(wij zingen die woorden vanouds als openingszang

in de Avondmaalsmis van Witte Donderdag).

Op Goede Vrijdag wordt het kruis aan de aanwezigen in de kerk getoond,

hoog verheven onder het zingen van de roep:

Aanschouwt het hout des kruises,

waaraan het heil der wereld heeft gehangen”.

en daarna zingen we – terwijl het kruis wordt bewierookt – de hymne

Vexilla regis prodeunt/Des konings vaandels gaan vooraan.

Het lied heeft het over “t geheim des kruises”.

Dat geheim is dat op dat schandhout uitgespreid

“de Schepper als een schepsel lijdt.”

Het diepe geheim van Kerstmis dat God in Jezus mens is geworden,

wordt hier in gewaagde woorden onder woorden gebracht.

In de verdere verzen rijst het kruis als een boom voor onze ogen op.

Het wordt bezongen als de boom des levens.

Dat is geen camouflage van wat onaangenaam en pijnlijk is,

maar dat is de vrucht van het nadenken

over de zin en de betekenis van het kruis.

Wat een vondst van die oude kerkvaders.

Tegenover de boom der kennis van goed en kwaad,

de boom van de zondeval,

de boom van de dood

uit het verhaal van de zondeval uit het boek Genesis,

stelden zij een andere boom,

de boom des levens.

Venatius Fortunatis (ca. 535-609),

bisschop van Poitiers, de dichter van Vexilla regis

noemde in een andere hymne –

die in ons huidige gezangboek geen plaats heeft gekregen,

maar dat vroeger wel een plaats in de liturgie van onze kerk had –

het kruis zelfs “de edelste van alle bomen” en “lieflijk hout”.

De vrome gedachte sloeg zelfs een beetje op hol,

toen men ging zeggen,

dat het kruis van Christus en de boom van Adam

op dezelfde plaats hadden gestaan.

Dat mag dan een vroom verzinsel zijn,

maar ze was niet alleen vroom,

maar ook heel diep.

Want men wilde er mee zeggen,

dat het kwaad teniet werd gedaan

op de plek waarop het ter wereld was gekomen.

Ons Goede Vrijdaglied zegt dat die boom

“het kostbaarst dat de wereld weet” draagt.

Jezus hangt als een rijpe vrucht aan de levensboom,

zodat ieder die van hem eet, eeuwig leven zal hebben.

Een nieuwe omkering van het aloude verhaal van de zondeval

(die appel en die slang en die vrouw en die man, weet u wel).

De 20e eeuwse dichter Willem Barnard staat in dezelfde traditie

als hij het kruis “de boom des levens” noemt (gezang 629).

Maar hij ziet in dat gezang Jezus niet in de eerste plaats

als een rijpe levensvrucht,

 maar als degene die gebukt gaat onder die boom des levens.

“Met de boom des levens

doodzwaar op zijn rug

droeg de Here Jezus

Gode goede vrucht.”

Beiden – Venatius Fortunatus en Willem Barnard –

laten ons op hun poëtische manier zien,

waaruit de liefde van God voor ons mensen blijkt.

En die liefde van God blijkt uit het meest onwaarschijnlijke

wat een mens kan bedenken –

het kruis van Jezus.

Het is een liefde die ons draagt,

het is een liefde die tot het einde gaat,

Het is een liefde die niet moe wordt,

Het is een liefde die ons mensen,

onze val te boven doet komen,

het is een liefde die ons draagt,

die ons weer doet verrijzen,

die ons nieuw leven schenkt.

Mensen zeggen vaak:

als God liefde is, hoe kan Hij het dan allemaal toelaten?

Leed, verdriet, oorlogen, natuurrampen, het coronavirus,

al die verschrikkingen die mensen hier “in dit aardse dal” allemaal overkomen?

Volgens veel mensen zou Gods liefde alleen te maken hebben

met zonneschijn, licht, een stralende hemel en dat soort dingen,

zeg maar de idylle van de kerststal.

Maar dat is nou juist – denk ik – een eenzijdigheid

of liever gezegd een misverstand.

Natuurlijk Gods liefde blijkt ook uit die dingen

die wij mensen met licht en warmte associëren

(die zijn er gelukkig ook in deze wereld).

Maar Gods liefde wordt het meest, het beste zichtbaar

in het donker, in de duisternis, in het kruis.

In de dood van Jezus.

De liefde van God is dit,

dat God zich begeeft in het duister van de verlorenheid en in de dood.

Dat is het geheim van Kerstmis,

dat is het geheim van Pasen:

dat God mens is geworden om ons uit de dood te doen herrijzen,

En als wij dat gaan zien, dan kunnen we met Barnard zingen:
Laten wij God loven,

leven van het licht,

onze val te boven

in een evenwicht.

Dan kunnen wij met Venatius Fortunatus zingen:

U brenge al wat leeft de eer,

Drievuldigheid, o ene Heer,

die ons door ’t kruisgeheim bevrijdt,

regeer ons tot in eeuwigheid.

Dan wordt het Pasen,

ook nu het een “’rare” tijd is.

Wietse van der Velde, pastoor

https://1drv.ms/u/s!AkVzwVewonPLghUqQf5Vt8WDTNf_

Goede Vrijdag

(lied- en gebedsteksten bij filmpje)

Openingstekst bij het kruis

Christus werd gehoorzaam tot de dood,

tot de dood aan een kruis,

daarom heeft God hem hoog verheven

en hem de naam verleend boven alle namen.

(naar Filippenzen 2)

Beschrijving: Free Good Friday Black And White Images, Download Free Clip Art ...

Lied: OKG 632, 1 en 2 When I survey the wondrous cross

1   O kostbaar kruis, o wonder Gods,
waaraan de Prins der glorie stierf;
ik wil om U zijn zonder trots,
ik acht verlies wat ik verwierf.
2   Bewaar mij dat ik roemen zou
dan in mijn Heren Christus dood.
Al wat ik anders noemen zou
is niets bij dit mysterie groot.
3   O angst en liefde, ondereen
vermengd als water en als bloed,
zij wijzen naar het wonder heen
van Hem die op de aarde boet.
4   Het rode bloed, zijn koningskleed
bedekt het schandelijke kruis,
dat wordt door alles wat Hij leed
de levensboom van ‘t paradijs.
5   En door zijn dood en door zijn bloed
is nu de wereld dood voor mij.
Ik ben gestorven, maar voor goed
van heel de dode wereld vrij.
6 De aarde elf is veel te klein
Voor wie u waarlijk loven wil.
Uw liefde is een groot geheim,
Zij vraagt geheel mijn hart en ziel.

Gebed

                    Gedenk, o God van genade,

                    al uw daden van ontferming

                    en strek uw zegende armen uit

                    over ons en over al die mensen

                    voor wie uw eigen Zoon

                    de pijnen heeft doorstaan,

                    verwerping, vernedering, verlatenheid,

                    tot in de diepste diepten.

                    In alle eenzaamheid heeft hij,

                    uw Zoon en onze Broeder,

                    de doortocht gemaakt

                    door de duistere nacht

                     naar de morgen van het licht,

                     zonder U los te laten,

                     zonder ons op te geven;

                     o God, laat zijn zwijgende liefde

                    onze grote woorden overstemme

                    laat zijn zachte kracht

                    onze hardheid overwinnen,

                    laat zijn offer ons bewegen

                    tot overgave aan U en aan elkaar.

(t. Wim van der Zee)

Lied: Nox et tenebrae et nubila (gez. 372 Liedboek voor de kerken)

  1. O diepe nacht die ons omringt,

de wereld in uw duister dwingt,

het licht van Christus kleurt de lucht,

Hij komt, Hij jaagt u op de vlucht.

  • De aarde die in ’t donker lag,

komt in zijn zonlicht aan de dag.

Alles krijgt kleur en glans en licht

in ’t stralen van zijn aangezicht.

tekst: Aurelius Prudentius Clemens (348 – ca. 410);

vertaling: Jan Willem Schulte Nordholt, (1920 -1995)

Witte Donderdag

Witte Donderdag 2020

Op de avond,

dat hij zichzelf vrijwillig overleverde

en om ons behoud ging lijden,

DAT IS HEDEN

Als wij vanavond bij elkaar zouden zijn gekomen

om de Avondmaalsmis van Witte Donderdag te vieren,

zouden wij deze woorden hebben gehoord

als inleiding op het verhaal

van de instelling van de Eucharistie

tijdens het Laatste Avondmaal.

Maar vanavond zijn wij niet in de kerk,

maar in ons eigen huis.

Het hartsgeheim van ons christelijk geloof

kunnen wij dit jaar niet samen vieren.

Maar dat geeft ons misschien wel de kans

om ons te bezinnen op één aspect van de viering van deze avond.

In de avondlijke viering van Witte Donderdag

horen wij in de tweede lezing

het oudste bericht van de instelling van de Eucharistie.

Het is van de hand van Paulus.

Deze begint zijn “overlevering” met de woorden

“in de nacht waarin hij werd overgeleverd”.

Het is de nacht van het verraad door Judas,

een vriend en een leerling,

die door een kus Jezus aan zijn vijanden overleverde.

Het is de nacht waarin

heel de afgrond van het kwaad openbaar werd

in het “Nee” tegen Gods waarheid en liefde

en in het “Nee” tot een vriend die men trouw verschuldigd is.

Dit kwaad bestaat in onze wereld en ook in ons.

Het is een mysterie, een diep geheim,

dat mensen zo slecht kunnen zijn

en “Nee” kunnen zeggen tegen God en tegen elkaar.

Maar dit is toch niet het echte mysterie,

het eigenlijke geheim van deze nacht.

Jezus wordt immers niet louter passief

aan de machten van verraad, leugen en geweld overgeleverd.

Hij levert zich zelf actief over.

Van de twaalf eucharistische gebeden die in ons Kerkboek staan

beginnen er maar twee het instellingsverhaal van de eucharistie

met de woorden

“In de nacht waarin hij werd overgeleverd”,;

zes echter beginnen die met

“dat hij zichzelf vrijwillig overleverde”.

Jezus zegt het zelf als hij het brood breekt:

“Dit is mijn lichaam voor u gegeven”,

“Dit is mijn bloed voor u vergoten”.

In vrijheid geeft Jezus zijn lichaam en bloed,

dat wil zeggen zijn leven,

zijn hele persoon voor ons.

Hij wordt niet overwonnen door de macht van het kwaad;

hij overwint het kwaad door de liefde

die zichzelf wegschenkt en weggeeft.

Zo wordt het kwaad door de vrijwillige overgave,

prijsgave van zichzelf overwonnen.

De prefatie van eucharistisch gebed 6 zegt:

“Al keerden wij ons in zonde van u af,

Gij hield niet op ons lief te hebben,

maar opende een weg tot redding van alle mensen.”

De zonde is het door de mens vrijwillig verbreken

van de band, het verbond, van God met de mensen

en van de mensen met elkaar.

Maar van zijn kant heeft God Jezus Christus gezonden

om die band, dat verbond,

voor eens en voorgoed te herstellen.

In het Oude Testament werd

een verbond tussen God en de mensen,

tussen mensen en mensen,

bezegeld met het sprenkelen van bloed van een offerdier.

Op de betekenis hiervan zal ik hier niet diep kunnen ingaan.

Laat het nu voldoende zijn,

dat bloed staat voor de ziel,

de levenskracht van mens en dier.

Met lichaam en ziel zet Jezus zich dus in

om de band tussen God en mensen te herstellen.

In zijn bloed wordt een nieuw en eeuwig verbond gesloten. 

Nieuw verbond wil zeggen,

dat wij ondanks onze zonden en tekortkomingen,

aangenomen, bevestigd, bemind en verzoend zijn.

Onze zonden zijn ons vergeven.

Er is een hand – een goddelijke hand – uitgestoken

die ons overeind houdt en draagt

en die ons ook onder elkaar weer nieuw verbindt.

Het geheim van deze avond, deze nacht

is het geheim van de grotere liefde die het kwaad overwint

en een nieuw begin maakt.

Mijn hoop is dat wij vanavond

iets van dat geheim in ons mogen ervaren.

Wietse van der Velde, pastoor

https://1drv.ms/u/s!AkVzwVewonPLghT-gsMFPbHmJF8v

Witte Donderdag

(lied- en gebedsteksten bij filmpje)

Lied: OKG 628, 1 en 3 – Het Lied van het Lam Gods

  1. Lam Gods, gij draagt de zonden

der wereld in uw wonden,

gebroken en door doorboord. –

Om onze schuld geslagen

 wilt gij ons toch verdragen,

 Gij lijdt en spreekt geen enkel woord.

  • Lam Gods, gij hoop en zegen,

nooit wordt gij meer verzwegen

waar wij met mensen zijn. –

Als alles is gelden, vergeven en vergeten,

Dan zult gij ons leven zijn.

(t. Jan Duin, geb. 1934)

Beschrijving: Maundy Thursday in the United Kingdom

Gebed

Voor hij de dood inging, God,

heeft hij, uw lieve Zoon,

door het delen van brood en wijn

zijn mensen deelgenoot gemaakt

van zijn overgave aan U

en zijn verbondenheid met ons;

laat ons in dit geheim

steeds opnieuw een bron vinden

van liefde en leven in overvloed.

(t. Wim van der Zee, 1930-1995)

Meditatie 40-dagentijd 4 2020 – Licht in het duister

Licht in het duister

Ik had mij voorgenomen om een korte gedachte met u te delen iedere zondag zolang als de kerkdeuren gesloten zijn om het coronavirus zo goed en kwaad als het gaat buiten onze mensengemeenschap te houden.                                                                                                            Maar waar moet het overgaan?                                                                                                         Moet je net doen alsof er niets in de wereld, niets met ons aan de hand is en “gewoon” maar uitgaan van de liturgie van de kerk?  Of moet je die nu juist maar links laten liggen en het hebben over het virus en de consequenties die dat heeft voor mens en maatschappij? Dilemma’s alom. En toen las ik het evangelie van morgen en die bracht beide dingen samen.

Het is een menselijke reflex van alle tijden en plaatsen om telkens wanneer mensen getroffen worden door ziekte, een handicap, een ongeluk of een ramp zich de vraag te stellen: “Waarom moet mij dit overkomen?” , of: “ Waar heeft hij – zij – dit aan verdiend?”

Er wordt dan gedacht dat God een bedoeling heeft met alles wat er gebeurt. Door sommigen werd de watersnoodramp van 1953 gezien als straf van God. Anderen noemden de vuurwerkramp in Enschede in 2000 een waarschuwing van Godswege. In de afgelopen week las ik diverse keren dat in godsdienstige kringen – christelijke zowel als islamitische – gezegd wordt dat de uitbraak van het virus de straf van God is voor de menselijke zonden. En al naar gelang de spreker wordt dan de zonde aangewezen.                                                            Morgen vieren we de vierde zondag in de Veertigdagentijd. De evangelielezing die dag is Johannes 9, 1-39: het verhaal van de genezing door Jezus van een mens die vanaf zijn geboorte blind was. Zodra die man bij Jezus is gebracht willen zijn leerlingen van Hem weten waarom die man dat lot heeft getroffen. In hun vraag gaan ze er vanuit dat die blindheid te maken moet hebben met zonde van de blinde of van zijn ouders. Maar Jezus sluit beide mogelijkheden uit. God heeft niet de hand in de ziekte, maar houdt de zieke in zijn hand. Het enige dat telt, is dat Jezus, die zichzelf het Licht der wereld noemt, de ogen van de blinde opent en de duisternis uit zijn leven verdrijft.

Toen ik mij dat bedacht, kwam bij mij dat prachtige lied uit de gemeenschap van Taizé naar boven, dat ik vorige week zondagmorgen had gehoord toen ik keek naar de gebedsdienst die vanuit het dienstencentrum van de Protestantse Kerk was uitgezonden.

Als Alles duister is

Als alles duister is,
ontsteek dan een lichtend vuur
dat nooit meer dooft,
een vuur dat nooit meer dooft.

Dat waren woorden van hoop en vertrouwen op de God en Vader van Jezus Christus, die ons vasthoudt in het duister, voor ons licht en toekomst wil zijn, die al onze vragen en angsten –  die er zeker zijn en die we niet hoeven te ontkennen – omvat houdt in zijn liefde.

Als afsluiting geef ik u graag het volgende gebed van Wim van der Zee door, een gebed geschreven voor de vierde zondag van de Veertigdagentijd, een gebed voor mijn gevoel geschreven voor vandaag.

O God, richt Gij ons op

als wij terneergeslagen zijn,

bedrukt door wat wij zien en horen,

doe ons weer opademen

door het nieuwsbericht van uw heil,

versterk ons hart dat wij anderen versterken,

neem ons allen mee

in de beweging van uw vrede.

Amen.

Een hartelijke groet, voor u allen,

Wietse van der Velde, pastoor